Innovatie in Overijssel scoort middelmatig

Innovatie is van groot belang voor economische groei. Provincies met stedelijke gebieden kennen doorgaans een hoger opleidingsniveau, meer kenniswerkers en creatieve banen. Dat is essentieel voor het innovatiepotentieel. Uit onderzoek van het ING Economisch Bureau blijkt dat de provincie Utrecht lijstaanvoerder innovatie is van Nederland. Noord Holland volgt op de tweede plek en Noord Brabant is derde. Zeeland en Drenthe bungelen onderaan. En Overijssel?  Een plek in de grijze middenmoot. Dat is het en dat valt me eigenlijk tegen.

In het algemeen hebben stedelijke gebieden een goed innovatieklimaat. Het opleidingsniveau ligt hier gemiddeld hoger en er zijn meer kenniswerkers actief. De creatieve sector is er meesrtal goed vertegenwoordigd. De aanwezigheid van onderwijsinstellingen, met name universiteiten, levert hierbij een positieve bijdrage.  Verder  telt de leefbaarheid van de regio zwaar mee om een prima innovatieklimaat te scheppen en te onderhouden. Een kwalitatief hoogwaardig woning- en winkelaanbod, horeca en culturele voorzieningen zijn onmisbare elementen van een aantrekkelijk leefklimaat. Hierop gedijt de innovatie, de kenniseconomie, de werkgelegenheid van nu en voor de toekomst. Een hoog aanbod van voorzieningen trekt kenniswerkers aan en maakt de regio interessant voor nieuwe bedrijven.

Het Economisch Bureau van de ING heeft al deze aspecten per provincie gewogen. En daaruit is een scorelijst gemaakt. Overijssel zakt gelukkig niet door het ijs zoals onze buurprovincie Drenthe maar doet het bijvoorbeeld toch slechter dan onze andere buurprovincie, subtopper Gelderland. We zitten in de middenmoot, onder aan het linkerijtje. Dat kan en moet beter.

Het ING-bureau meldt een relatief groot aantal innovatieve banen in de Overijsselse machinebouw, rubber-, kunststof-, hout-, glas- en meubelindustrie. Daaraan hebben we onze middenpositie te danken als het om innovatiepotentieel gaat. Tegenvallend is het achterblijven van de creatieve banen en het aantal kenniswerkers ten opzichte van het Nederlands gemiddelde.

Opmerkeijk goed doet de regio rond Deventer het in het ING-onderzoek.. Dankzij top 10-noteringen op opleidingsniveau, creatieve- en innovatieve banen behoort de stadsregio Deventer zelfs tot de 5 regio’s in ons ;land met het hoogste innovatiepotentieel. Een flink aandeel hierin leveren de bedrijven AkzoNobel, Tauw, Witteveen+Bos, en Kluwer. Gefeliciteerd Deventer!

Opvallend is het rapport over Twente. Deze regio heeft relatief weinig kenniswerkers, en een beperkt deel hoger opgeleiden en dat ondanks de aanwezigheid van de Universiteit Twente. Er zijn de nodige innovatieve banen bij ondernemingen als Ten Cate, Thales en Norma. Natuurlijk blijft de UT  een pluspunt, want deze instelling zorgt wel voor een flink aantal kennis- en onderzoeksinstituten.

Maar ik had, eerlijk gezegd, verwacht dat “ innovatief Twente” het beter zou doen, en zelfs hoger zou uitkomen dan de regio Deventer. Nou, houd ik niet van regionale wedstrijdjes op dit gebied. Daar gaat het ook niet om.

Uitgangspunt is dat de stedelijke regio’s in Overijssel nog meer investeren in innovatie en met name in creatieve banen. Dat verdient alle (financiele) steun van de provincie Overijssel.

Het ING-rapport geeft heel goed aan dat samenwerking tussen overheid, onderwijs en bedrijfsleven leidt tot een stijgend innovatiepotentieel. Een goed voorbeeld daarvan is de “Twentse innovatieroute” met daarin een leidende rol van de Regio Twente en Netwerkstad (Enschede, Hengelo, Borne en Almelo). Dit soort initiatieven blijven hard nodig, zeker in het licht van de labiele economische ontwikkeling op dit moment.

Het ING-rapport houdt ons scherp en geeft energie om nog meer te investeren in de innovatieve, nieuwe economie.