Enschede kan dé winkelstad van het oosten blijven

winkelen Is Enschede nog wel dé winkelstad van het oosten? Welke branches en winkelgebieden scoren goed, wat  kan beter en hoe doen we dat?

Deze vragen stonden centraal bij een levendige bijeenkomst van de werkgroep economie en duurzaamheid die plaatshad in het Stadhuis. Aan de hand van 2 presentaties ontstond er een discussie tussen PvdA-ers en winkeliers die soms emotioneel was.  De presentaties, gingen over het Koopstromenonderzoek 2010 en over de concept-Detailhandelsstructuurvisie 2011.

Uit het Koopstromenonderzoek blijkt dat sectoren als kleding en schoenen het vrij goed doen in de binnenstad. Zorgelijk, voor heel Enschede, is de branche van de woninginrichting. Dat heeft vooral te maken met de sterke concurrentie in Westermaat Hengelo (Ikea) en de woonboulevard in Oldenzaal (Van Gils). Daar heeft de woonboulevard Schutersveld behoorlijk last van. De warenmarkt in het centrum op het Van Heekplein is en blijft een grote trekker. Het is verreweg de grootste markt in Oost Nederland. Met gemiddeld 130.000 bezoekers zelfs meer dan twee maal zo groot dan Zwolle, Deventer en Almelo en ook veel populairder dan Apeldoorn. Opvallend is dat driekwart van de bezoekers aan de markt in Enschede ook uit onze stad komt en niet uit onze buurgemeenten.  Eén kwart komt uit Duitsland. Als je de hele detailhandel in Enschede overziet,  dan hebben we nog wel een dominante verzorgingspositie maar het loopt wel wat achteruit en dat heeft vooral te maken met de sterker wordende kleine gemeenten. Interessant is ook om de wijkwinkelcentra te bekijken waar de dagelijkse boodschappen worden gedaan. Hier zien we de enorme trek van de Miro en het Budgetcenter aan de Zuiderval. Dat gaat o.m. ten koste van het Winkelcentrum Zuid.

Vragen uit de markt

De nieuwe (concept)detailhandelsstructuurvisie 2011 is tot stand gekomen onder verantwoordelijkheid van wethouder Marijke van Hees. Deze visie wijst locaties aan voor detailhandelsontwikkelingen en geeft antwoord op vragen uit de markt. Hiermee kan optimaal worden ingespeeld op trends en ontwikkelingen. Ook in dit stuk is veel aandacht voor de stagnerende woninginrichtinsbranche in relatie met de locatie op het Schuttersveldterrein. Het idee is om op die plek de woninginrichting te versterken met nadruk op de bezoekers uit Enschede. Een andere hoofdlijn in deze visie is het behoud en de versterking van een compleet pakket dagelijkse winkelvoorzieningen in de eigen wijk op loop/fietsafstand voor de consument. Dit gaf juist voedsel voor een flinke discussie met een aantal winkeliers uit de Stroinkslanden, Deppenbroek en de binnenstad.  De winkeliers in het centrum omarmen de detailhandelsstructuurvisie. De ondernemers in het winkelcentrum Stroinkslanden benadrukten hun moeilijke positie daar en vroegen de gemeente om hulp. De winkeliers in Deppenbroek toonden hun trots op hun nieuwe centrum, maar zijn kritisch op de winkelontwikkelingen in Roombeek.

Dat schiep trouwens wel het opvallende beeld dat aan de ene kant de gemeente de marktwerking wil stimuleren en de winkeliers, die problemen hebben, de gemeente vragen om regie.

De detailhandelsstructuurvisie meldt dat Enschede een ruim winkelaanbod heeft ten opzichte van kernen met een gelijk inwoneraantal (263.000m2 winkelvloeroppervlak in Enschede; tegen 226.000 m2 gemiddeld in andere vergelijkbare gemeenten).